Een uur tennissen.
Een uur joggen aan een stevig tempo.
Een uur voetballen met een normale intensiteit.
Een uur zwemmen à rato van vijftig meter per minuut.
Een uur fietsen met een gemiddelde snelheid van twintig kilometer per uur.
Bovenstaande activiteiten hebben één ding gemeen: je verbrandt er om en bij de 800 kilocalorieën mee. Dagelijks op die manier sporten biedt bovendien meer: de kans op overgewicht en obesitas neemt uiteraard af, maar ook de bloeddruk en de slechte cholesterol verlagen én de kans op osteoporose en op ouderdomssuiker wordt drastisch gereduceerd. Fijn.
Het is echter niet aan mij besteed. Niet meer.
Dat was dus ooit anders. Want ooit – in mijn voorhuwelijkse bestaan, that is – trok ik dagelijks, de weekends inclusief, een kilometer baantjes in het plaatselijke zwembad. Twee à drie keer per week ging ik vijf kilometer joggen. En ik had bovendien een abonnement bij de fitnessclub.
En tóch sport ik nog.
Op dagelijkse basis, zelfs.
Niet zelden van ‘s morgens tot tot negen uur ‘s avonds.
Weliswaar beoefen ik geen erkende sport, maar ik verbrand evenzeer 800 kilocalorieën per uur.
Ik ben namelijk een tuinier. Op professionele basis bovendien. Een topsporter, kortom.
Want ik train zowat alle spieren van mijn lichaam. Als ik hark, train ik mijn buik-, schouder- en rugspieren. Als ik gras maai, train ik mijn been- en armspieren. Onkruid wieden? Goed voor de rug- en schouderspieren. Ik graaf en ik spit, ik plant en ik snoei, ik til en ik trek, ik timmer en ik zaag, ik maai en ik frees, ik klim en buig en strek me dat het een lieve lust is.
Bovendien creëer ik.
Maak ik mensen gelukkig.
Én verdien ik.
Hobbysporters zijn janetten, zeg ik u.




Deze week ontving ik een mail van iemand die mijn blog leest. Gewoon lezen en nimmer reageren. Een lurker, kortom, en dat gaf hij zelf grif toe. Maar wel een trouwe lurker. Want hij volgt me al sinds mijn blog nog gewoon ‘Menck’ heette en het gehost werd door een andere provider dan WordPress. Ook ‘Kerekewere’, ‘Mohow’, ‘Monumenck’, ‘Kielzog’ – herinnert u ze nog? – en thans ‘Twaait’ bezocht en bezoekt hij op regelmatige basis. Fijn.




































































































Ze stak twee dikke wattenproppen onder mijn bovenlip. Ik trachtte me voor te stellen hoe ik er ten gevolge van deze simpele ingreep uitzag. Mijn verbeeldingsvermogen reikte niet verder dan Bugs Bunny.































Vanwege het allesbehalve schielijke overlijden van een trouwe vriend (lees: mijn bits- en bytesmachine heeft na een slepende ziekte zijn laatste adem uitgeblazen) was ik een tijd niet meer bij machte om deze en uw stek onveilig te maken. Of toch niet op een genoeglijke manier.



Laat ik eens een open deur intrappen: een tuin(gedeelte) (laten) aanleggen met de knip op de beurs is een regelrechte utopie. Voor plantgoed dient u heden diep in de buidel te tasten, ongeacht de soort of grootte. Ook voor de aanschaf van harde materialen zoals bestrating, een pergola, een tuinberging, tuinschermen en dies meer, moet u vaak een rib uit uw lijf neertellen.